HOERA, ER KOMT EEN ROOKVRIJE GENERATIE AAN

HOERA, ER KOMT EEN ROOKVRIJE GENERATIE AAN.

 

Met een zekere trots verkondigde onze NOS juffrouw in het late journaal van vandaag (15 oktober 2016) dat een nieuwe “rookvrije” generatie staat te trappelen om aan te treden. Er mag straks op schoolpleinen namelijk niet meer gerookt worden (maar nog wel direct buiten het hek).

 

Het eerste wat mij opviel was – een beetje Donald Trump-achtig – dat dit journaal-meisje weer wat strakker in haar vel stak dan een aantal weken geleden.

Zij doet mij altijd denken, althans in haar verschijning van vanavond, aan zo’n “Milner-kaasmeisje”, waarover ik in één van mijn verhalen in mijn boek “When I was young” wellicht wat te uitvoerig gerept heb.

Nadat deze eerste mooie reflex enigzins was bezonken, begon zich toch weer een onaangenaam gevoel over mij meester te maken en wel in de zin van: “Waar bemoeit die verdomde overheid zich toch overal mee”. Want het gaat steeds – op een schijnbaar sympathieke wijze – verder. Vandaag zijn het de rokers die we over de rand van de blijde samenleving in de afgrond van verdoemden duwen en morgen weer andere groeperingen, die door lobbyisten en andere steriel denkenden als asociaal bestempeld worden.

Wat me opvalt is dat personen die gestopt zijn met roken vaak het heftigst tekeer gaan tegen anderen die nog wel roken.

Ik heb menigmaal meegemaakt dat mede-tafelgenoten, terwijl je nog zat te eten, vrolijk een sigaret opstaken, ook al wisten zij dat één van de anderen aan tafel gezetenen ook nog kampte met een zware verkoudheid. Diezelfde personen hebben nadat ze gestopt zijn met roken er totaal geen begrip meer voor indien iemand rookt en al helemaal niet aan tafel.

We zijn op weg naar een volstrekt steriele maatschappij, waarin straks alleen nog maar ruimte is voor asceten, waarin alles wat de zinnen verzet verworpen en dus verboden wordt: we mogen straks, afgezien van geitenmelk en sojamelk, niet meer drinken, we mogen niet meer lekker eten of het moet het eten van rouwe groenten zijn – konijnenvoer dus - , we mogen niet meer feesten en uit de band springen, we moeten uit de kast komen en ga zo maar door. Kortom al die saaie theemutsen bepalen uiteindelijk hoe je moet leven, dan voelen zij zich namelijk niet meer zo saai.

Ik verlang echt terug, ofschoon ikzelf al vele jaren niet meer rook, naar de tijd dat er volop gerookt werd in de kroeg.

Als je daar een paar uurtjes vertoeft in die rokerige sfeer zal je echt niet direct het risico lopen longkanker op te snuiven.

Heden ten dage hangt er in zo’n kroeg een bepaald zure lucht, vermengd met het aroma van de nodige heimelijk gelaten scheten. God mag weten of dat bij inademing niet slechter is dan diezelfde mix vermengd met een flinke portie rook van een sigaret of een rokende pijp met de zoete lucht van Clan tabak. Tegenwoordig is iedereen ook zo ontzettend zichtbaar geworden in een kroeg, waar iedereen voorheen nog gehuld was in een soort mystieke zinnenprikkelende waas en waar je je met je vriendin nog ergens in een hoek van de kroeg aan het zicht kon onttrekken.

Waar ik, en menig ander, echt ziek van word, is die bemoeizucht van de overheid. Kunnen we daar niet eens tegenop staan. Laten we ons eens concentreren op de negatieve gezondheidseffecten op de burgers, veroorzaakt door het optreden van de overheid, laten we die effecten eens grondig onderzoeken in plaats van dat gezemel over roken, drinken, eten enzovoort.

Roken is niet gezond, daarover zijn de meesten het wel eens. Het is ook goed dat het geregeld is dat je niet overal mag roken. Maar het is echt van de zotte dat er gewoonweg bepaald is dat je in geen enkele kroeg of restaurant mag roken. Voor het toezicht op de naleving van zo'n besluit is het natuurlijk wel lekker makkelijk als je simpelweg bepaalt dat je nergens mag roken.

En het moment is niet ver weg dat men de mens verbiedt in zijn eigen huis of op zijn eigen grond te roken.

Dit laatste haal ik ook aan omdat we vroeger in Oog in Al aan weerszijden buren hadden die rookten als een lekkende schoorsteen en als mijn vrouw en ik op een zwoele zomeravond ervoor kozen vroeg naar bed te gaan – met de schuifpui van onze slaapkamer open –, we ons niet konden concentreren vanwege de rook die om een of andere rede ervoor koos van buiten via de schuifpui onze slaapkamer binnen te trekken.

In mijn jeugd rookten mijn vrienden en ik er lustig op los.

Bij onze sigarenboer Van den Akker in het Lodewijk Napoleonplantsoen (Utrecht) kochten we alles wat maar enigszins wilde schroeien.

Voor 10 cent kochten we losse sigaretten, veelal uit Egypte en wijde omgeving.

Deze sigaretten kenmerkten zich vooral door hun gele kleur en de extra lange afmeting.

We rookten ook van die Franse blauwe Gauloises. Dan merkte je pas echt dat roken niet echt gezond kon zijn. Bij het inhaleren van de rook voelde je direct dat al je longblaasjes “en groupe” in elkaar klapten.

Mijn oudere zeer gestudeerde broer Theo, was en is een anti-rookmagiër.

Je kunt met hem geen ruimte betreden waar gerookt wordt of hij klampt de rokende aan met de vraag of hij/zij wel goed bij zijn/haar hoofd is.

Vaak wordt zo’n rokende ook nog eens uitgenodigd een bezoekje af te leggen aan de longafdeling in het AZU om aldaar met eigen ogen te kunnen aanschouwen waartoe roken kan leiden. Ik probeer dan altijd de ontdane roker wat te troosten met de mededeling dat ik ook een paar periodes in mijn leven heb gerookt en op de marathon vrijwel altijd belangrijk sneller was dan mijn niet rokende broer. Waar broer Theo voorafgaande aan de start van een marathon steevast zijn warming-up deed, stak ik meestal nog even snel een sjekkie op.

Nogmaals, roken is ongezond zoals zovele geneugten des levens.

Ik ben ook blij dat ik er mede aan heb bijgedragen dat mijn dochter een aantal jaren geleden is gestopt met roken. Hoewel, misshien is ze er wel juist langer mee doorgegaan omdat ik haar steeds voorhield dat roken ongezond was. Joost, haar man, mag het weten.

Maar laat de overheid en al die “plezierstoppers” eens ophouden met de grenzen steeds verder te verleggen.

Bied de ruimte voor rokers en niet-rokers in kroegen en restaurants. Het is toch niet zo ingewikkeld om aparte kroegen en dergelijke etablissementen voor rokers en niet-rokers toe te staan.

Het is gewoonweg de makkelijkste weg die is ingeslagen: je mag nergens meer roken, althans daar zijn we niet ver meer van verwijderd.

Onze bevolking vergrijst. Het langleven risico voor pensioenfondsen en de AOW neemt onbetaalbare proporties aan. Budgettair kan het helemaal geen kwaad dat volhardende rokers vroegtijdig in rook opgaan.

Dus hou eens op met dat belerende gedoe: “Vrijheid, blijheid”.

 

Copyright © All Rights Reserved